Verzinkt

Verzinken is het aanbrengen van een dun laagje zink op een metalen voorwerp. Dit is een manier om de metalen te beschermen tegen corrosie.

Het verzinken beschermt zo bijvoorbeeld ijzer tegen de vorming van roest. Dit gebeurt op drie manieren, namelijk

  • Doordat het oppervlak van het zink reageert met zuurstof in de lucht of water ontstaat er een oxidelaag, wat na een tijd het zink geheel afsluit voor zuurstof, de zogenaamde patinalaag. Hierdoor kunnen de zuurstofmoleculen het ijzer niet meer bereiken en geen roest-of oxidevorming veroorzaken.
  • Bij reactie met zuurstof vormen zich zinkoxiden, die daarbij uitzetten, zodat de beschermende laag goed afgesloten blijft.
  • Door de kathodische werking van het zink. De kathodische werking houdt in dat het zink zich opoffert voor het ijzer. Deze kathodische bescherming werkt alleen in waterige milieus en berust op het feit dat zink een lagere potentiaal heeft dan ijzer volgens de galvanische reeks. Daardoor blijven ook beschadigde plekken en boorgaten voor bouten en schroeven nog beschermd tegen roest.

Wordt ijzer (of een ander metaal) blootgesteld aan water, dan zullen sommige ionen in oplossing gaan. Ze laten een overschot aan elektronen achter zodat die plaats negatief geladen wordt, een zogenaamde anode. Omdat andere plaatsen een hogere potentiaal hebben zijn zij de kathoden, deze ondervinden geen corrosie doordat er een constante aanvoer van elektronen is. De opgeloste ionen vormen zouten met oxidatoren in het water, bijvoorbeeld zuurstof. Doordat de zouten vaak slecht oplosbaar zijn ontstaat er een neerslag op het metaal, en zo treedt, in dit geval, roestvorming op bij ijzer.
Zink kan hiertegen beschermen als het in elektrisch contact wordt gebracht met ijzer, doordat het van zichzelf een lagere potentiaal heeft dan ijzer. Het zink gaat in oplossing en wordt de anode zodat het ijzer van elektronen voorzien wordt en de ionen niet in oplossing zullen gaan. Een coating is werkzamer naarmate deze meer zinkdeeltjes bevat.

Top